Het belangrijkste is natuurlijk het beperken van de risico’s die aan zo’n subtiele operatie kleven. Er kan theoretisch van alles mis gaan: ontstekingen, overcorrectie, laseren op de verkeerde plaats. De behandeling met het minste risico is de Lasek-methode, waarbij een stukje van het hoornvlies wordt afgeschraapt voordat de laser zijn corrigerend werk kan doen. Dit gaat echter alleen bij minder hoge correcties. Als het hoornvlies dik genoeg is, kan ook de Lasik-methode toegepast worden. De chirurg snijdt een flapje van het hoornvlies om de laser toegang te geven. Voor hoge sterktes en bij mensen met een te dun hoornvlies is een implantlens geschikt. De behandelmethode hangt af van de sterkteafwijking, de dikte van het hoornvlies, de pupilgrootte en andere verschijnselen, zoals droge ogen.

We nemen de belangrijkste zaken door met Marius den Boon, oogchirurg bij het Medisch Centrum Alkmaar. Hij verricht ooglaserbehandelingen sinds 1992. ,,Als eerste: laat je uitgebreid voorlichten. Niet op een wervingsavond, maar op een objectieve voorlichtingsavond.” Het komt voor dat klinieken uit winstbejag mensen behandelen die niet geschikt zijn, met alle risico’s van dien. ,,Zorg dan voor uitgebreide oogmetingen door ervaren optometristen, die de ‘tricks of the trade’ kennen. Zo’n vooronderzoek is heel belangrijk om vast te stellen of behandeling mogelijk is, en later om de juiste behandelmethode vast te stellen. Wij werken met diverse oogchirurgen. Bij twijfel kunnen we altijd een collega raadplegen.” Ook daarom, vindt Den Boon, kun je het beste kiezen voor een ervaren oogarts met een BIG-registratie (zie onderstaande website) en liefst een die lid is van de Werkgroep Refractie Chirurgie.
,,Wij gaan voorts iemand die de uitslag van het vooronderzoek heeft gehad niet meteen dezelfde dag behandelen, maar geven ze even de tijd om over de informatie na te denken.”

Een goede kliniek of ziekenhuis biedt volgens Den Boon een compleet pakket. ,,Dat wil zeggen alle soorten laserbehandelingen, maar ook operatieve behandelingen zoals implantlenzen en een heldere ooglens-extractie, waarbij de ooglens vervangen wordt door een kunstlens. Alleen zo is objectief advies mogelijk. Immers, een kliniek die die methoden niet aanbiedt, zal ze niet gauw adviseren, terwijl ze misschien wel beter zijn voor de cliënt.”
De apparatuur is uiteraard ook zeer belangrijk. ,,Informeer of de laser up-to-date is. Sommige klinieken werken met een laser die drie generaties oud is. De laser moet goed onderhouden zijn via een aantoonbaar contract. De behandelkamer moet smetteloos zijn. Wij werken onder condities van een operatiekamer.”

Dan de nazorg. Als het goed is, is 24 uur per dag iemand bereikbaar voor calamiteiten. ,,Je zal maar na zessen voor een gesloten deur staan. Wij geven daarbij minstens een jaar nazorg en twee jaar garantie voor nabehandeling. Van belang is ook dat de gegevens van een cliënt worden bewaard. In de afgelopen jaren zijn klinieken failliet gegaan. Dat is vervelend voor de mensen die daar gelaserd zijn. Hun gegevens kunnen verloren zijn gegaan.”
Voor de meeste mensen geldt dat ze eerder aan een leesbril toe zijn als hun ogen gelaserd zijn, vooral bij kleine min-afwijkingen. Waar zij vroeger hun bril afzetten om te kunnen lezen, zullen ze nu juist een leesbril nodig hebben. Ook is het mogelijk om één oog te laten laseren tot een sterkte van min 1, om daarmee goed dichtbij te kunnen zien.

Ooglaseren is duur. In Amsterdam woedt een soort prijsoorlog; een paar klinieken hebben aanbiedingen van 1000 euro per oog. Bijna alle andere centra rekenen 1500 tot 2000 euro per oog. Er zijn ziektekostenverzekeringen die ooglaseren deels vergoeden: OZF/Achmea vergoedt 500 euro per oog en SR 625. Maar u kunt de kosten, voor zover niet vergoed, ook fiscaal aftrekken onder buitengewone uitgaven. Er geldt een drempel van 11,5 procent van uw belastbaar inkomen. Daar zult u vrij snel aan komen na een laserbehandeling, en u kunt betaalde ziektekostenpremie en de inkomensafhankelijke bijdrage ook opvoeren.

Ooglaseren is niet voor niets zo duur. ,,De apparatuur die wij hebben staan, kost nieuw zo’n vijf ton”, vertelt Den Boon. ,,Dan heb je nog onderhoud, salarissen van chirurgen, cursussen en congressen, kosten van optometristen en behandelkamers. Laseren voor 1000 euro per oog kan haast niet.”

Bron: Noordhollandsch Dagblad 30 januari 2006